Preken Online

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Liturgische kalender: 33e zondag door het jaar (A)

Preken op de site

Vieringen op de site

Geen teksten gevonden

Vieringen om de downloaden

OVERZICHT

Eerste lezing: Spr. 31,10-13.19-20.30-31

[31,10] Een sterke vrouw, wie zal haar vinden? Haar waarde gaat die van koralen ver te boven! bet

[31,11] Het hart van haar man vertrouwt op haar en het zal hem aan winst niet ontbreken. gimel

[31,12] Zij brengt hem geluk, geen ongeluk, alle dagen van haar leven. dalet

[31,13] Zij zoekt zorgvuldig wol en linnen uit en werkt ermee tot genoegen van haar handen. he

[31,19] Zij strekt de handen uit naar het spinrokken en houdt de weefspoel in haar vingers. kaf

[31,20] Zij opent haar hand voor de behoeftige en strekt haar armen uit naar de misdeelde. lamed

[31,30] Bevalligheid is bedrieglijk, schoonheid vluchtig, maar een vrouw die de HEER vreest, moet worden geroemd. taw

[31,31] Bejubel haar om de vrucht van haar handen en roem haar in de poorten om haar werken.

Tweede lezing: 1 Tes. 5,1-6

Evangelie: Mt. 25,14-30

[25,14] Het is als met iemand die naar het buitenland ging. Hij riep zijn slaven bij zich en vertrouwde hun zijn bezit toe.

[25,15] Aan de een gaf hij vijf talenten, aan een ander twee en aan een derde één, overeenkomstig ieders bekwaamheid. En hij vertrok naar het buitenland.

[25,16] Degene die de vijf talenten gekregen had, ging er meteen mee handelen en verdiende er nog vijf bij.

[25,17] Zo verdiende ook die er twee gekregen had er nog twee bij.

[25,18] Maar die er één gekregen had, ging een gat in de grond graven en stopte daar het geld van zijn heer in.

[25,19] Na lange tijd kwam de heer van die slaven terug en hield afrekening met hen.

[25,20] Degene die de vijf talenten gekregen had, kwam naar voren met nog vijf talenten en zei: “Vijf talenten, heer, had u me toevertrouwd. Kijk, ik heb er nog vijf talenten bij verdiend.”

[25,21] Zijn heer zei tegen hem: “Uitstekend, goede en trouwe slaaf, in het kleine ben je betrouwbaar geweest, over veel zal ik je aanstellen. Kom delen in de vreugde van je heer.”

[25,22] Ook degene die de twee talenten gekregen had, kwam naar voren en zei: “Twee talenten, heer, had u me toevertrouwd. Kijk, ik heb er nog twee bijverdiend.”

[25,23] Zijn heer zei tegen hem: “Uitstekend, goede en trouwe slaaf, in het kleine ben je betrouwbaar geweest, over veel zal ik je aanstellen. Kom delen in de vreugde van je heer.”

[25,24] Ook degene die het ene talent had gekregen, kwam naar voren en zei: “Heer, ik heb u leren kennen als een streng man; u oogst waar u niet hebt gezaaid en u haalt binnen waar u niet hebt uitgestrooid.

[25,25] Uit angst heb ik uw talent in de grond gestopt. Kijk, hier hebt u uw eigendom terug.”

[25,26] Maar zijn heer antwoordde hem: “Slechte, lamlendige slaaf, je wist dat ik oogst waar ik niet heb gezaaid en binnenhaal waar ik niet heb uitgestrooid.

[25,27] Je had dus mijn geld op de bank moeten zetten. Dan had ik het bij mijn komst met rente teruggekregen.

[25,28] Neem hem daarom het talent af en geef het aan hem die de tien talenten heeft.

[25,29] Want aan ieder die heeft, zal gegeven worden en wel overvloedig. Maar aan degene die niet heeft, zal zelfs nog ontnomen worden wat hij heeft.

[25,30] Werp die nutteloze slaaf in de uiterste duisternis.” Het zal daar een gejammer zijn en een tandengeknars.



< terug naar overzicht

33e zondag door het jaar (A)

Aanmelden

Wie is online?

Geen