[62,1] Uit liefde voor Sion kan ik niet zwijgen, uit liefde voor Jeruzalem ken ik geen rust, totdat zijn heil straalt als een gloed en zijn redding als een brandende toorts.
[62,2] De volken zullen uw heil zien en alle koningen uw heerlijkheid. Zij geven u een nieuwe naam, die de HEER zelf heeft bepaald.
[62,3] U zult een schitterende kroon zijn in de hand van de HEER, een koninklijk diadeem in de hand van uw God.
[62,4] Men noemt u niet langer ‘Verstotene’, en uw land niet langer ‘Verlatene’, maar u zult heten: ‘Mijn Welbehagen’, en uw land: ‘Gehuwde’. Want de HEER heeft welbehagen in u en uw land wordt gehuwd.
[62,5] Zoals een jongeman een meisje huwt, zo zal Hij, die u opbouwt, u huwen. En zoals de bruidegom blij is met zijn bruid, zo zal uw God blij zijn met u.
[13,16] Paulus stond op, gaf een teken met zijn hand, en zei: ‘Israëlieten en godvrezenden, luister.
[13,17] De God van dit volk Israël heeft onze vaderen uitgekozen en het volk sterk gemaakt tijdens zijn verblijf in den vreemde, in Egypte. Hij heeft hen met sterke arm het land uitgeleid
[13,22] Toen liet Hij hem vallen en verhief Hij David tot koning over hen; van hem getuigde Hij: “In David, de zoon van Isaï, heb Ik een man naar mijn hart gevonden, die geheel naar mijn wil zal handelen.”
[13,23] Uit zijn nageslacht heeft God Israël zoals beloofd een redder gebracht, Jezus.
[13,24] Voorafgaand aan Jezus’ optreden had Johannes eerst een doop van bekering verkondigd aan heel het volk Israël.
[13,25] Toen Johannes zijn taak had volbracht, zei hij: “Wie u denkt dat ik ben, ben ik niet; maar, let op, na mij komt iemand wiens schoenen ik niet waard ben los te maken.”
© Katholieke Bijbelstichting, 's-Hertogenbosch, 1995.
Er mogen niet meer dan 50 verzen geciteerd worden zonder schriftelijke toestemming!
Indien u deze tekst wil overnemen op een document, gelieve contact op te nemen met:
Katholieke Bijbelstichting
Postbus 1274
5200 BH \'s-Hertogenbosch
T +31 (0)73 613 32 20
F +31 (0)73 691 01 40